Ladingzekering
Een slecht vastgezette lading is een van de meest gecontroleerde punten. Wie is verantwoordelijk en wat zijn de normen?
Waarom het belangrijk is
Sinds de Europese richtlijn over technische controles langs de weg (2014/47/EU) kijken controleurs in heel de EU ook naar de ladingzekering. Een onvoldoende vastgezette lading kan leiden tot een boete, een verplichte aanpassing ter plaatse, of het stilleggen van het voertuig tot de lading in orde is.
De normen
De controleurs gebruiken de Europese normen, vooral EN 12195-1 (berekening van de nodige sjorkrachten). Als basisregel moet de lading weerstaan aan:
| Richting | Kracht (als deel van het gewicht van de lading) |
|---|---|
| Naar voren (remmen) | 0,8 × het gewicht |
| Naar achteren | 0,5 × het gewicht |
| Opzij | 0,5 × het gewicht (0,6 bij kantelgevaar) |
Wie is verantwoordelijk?
Dat verschilt per land. In veel landen zijn meerdere partijen samen verantwoordelijk:
- de verlader, die de lading klaarmaakt en laadt;
- de vervoerder, die het juiste voertuig en materiaal voorziet;
- de chauffeur, die vóór vertrek moet nakijken of de lading veilig is.
Laadt de klant zelf en mag je niet in de laadruimte? Noteer dat dan op de CMR (vak voor opmerkingen van de vervoerder) en maak foto's.
Praktisch
- Gebruik sjorbanden met een leesbaar label en zonder schade.
- Gebruik antislipmatten: ze verlagen het aantal nodige sjorbanden sterk.
- Laad zo dat er geen open ruimtes zijn (vormgesloten laden).
- Kijk de spanning na na de eerste kilometers en na zware remmanoeuvres.